topbanner1topbanner2topbanner3

5.5 - Eis 5

Een Zonnewoning heeft in de verblijfsruimten voor een zone tot 3 meter uit de gevel een minimale gemiddelde daglichtfactor.

ยป Toetsingsmethode 5.5.1

Voor de verschillende verblijfsruimten gelden de volgende minimale gemiddelde daglichtfactoren:
  • 3,5% voor de verblijfsruimte waarin zich de woonkamer bevindt;
  • 2,5% voor de verblijfsruimte waarin zich de keuken bevindt;
  • 2,0% voor de verblijfsruimte waarin zich een slaapkamer bevindt.

Toelichting
Het Bouwbesluit stelt dat de equivalente daglichtoppervlakte minstens zo groot moet zijn als 10% van de vloeroppervlakte van het verblijfsgebied en minimaal 0,5 m2 per verblijfsruimte. Deze minimum eis van het Bouwbesluit kan leiden tot onvoldoende daglichttoetreding in bepaalde ruimtes. Daarom is voor het Inspectiecertificaat Zonnewoning een zwaardere eis opgenomen.

Het ontwerp biedt voldoende daglichttoetreding in verblijfsruimten. Aan woonkamer, eetkamer en/of keuken worden hogere eisen gesteld dan aan slaapkamers. Een activiteit kan zonder kunstverlichting worden uitgevoerd indien een bepaald oppervlak dat benodigd is voor de uitvoering van die activiteit, voldoende daglichtopbrengst heeft.

De daglichtfactor is een maat voor de relatieve hoeveelheid daglicht op een bepaald punt in een bepaald vertrek. De daglichtfactor verschilt van punt tot punt vanwege de afstand tot de daglichtopening, door de reflectiefactoren van omliggende wanden, vloer en plafond en door overstekken en belemmeringen. In het Certificaat Zonnewoning wordt gerekend met de gemiddelde daglichtfactor.

De gemiddelde daglichtfactor is het gemiddelde van de daglichtfactoren van de afzonderlijke punten in een ruimte. De gemiddelde daglichtfactor is daarmee eveneens een indicatie voor de daglichtkwaliteit van een bepaalde ruimte.

Activiteiten die daglicht vereisen hoeven niet op elke plek in de woning te kunnen worden uitgevoerd. Het is al voldoende als ze ergens kunnen worden uitgevoerd. De bewoner wordt geacht de inrichting van zijn woning hierop af te stemmen. Om die reden wordt er voor het Certificaat Zonnewoning vanuit gegaan dat alle activiteiten waarvoor voldoende daglicht is gewenst zich in principe afspelen in een zone tot 3 meter uit de gevel, rekeninghoudend met belemmeringen van de vrije indeelbaarheid.

Hierbij moet rekening gehouden worden met (dak)overstekken, met belemmeringen buiten de perceelgrenzen en met zaken die de vrije indeelbaarheid van de woning beperken.

Compensatiemogelijkheid
De daglichttoetreding is gekoppeld aan een verblijfsruimte. Een lagere daglichtfactor dan voorgeschreven kan worden gecompenseerd door (fictieve) samenvoeging van de betreffende verblijfsruimte met een of meer andere, aangrenzende verblijfsruimten waarvoor ook een daglichteis geldt. De eisen aan deze compensatie zijn als volgt:

  • de daglichtfactor van de betreffende verblijfsruimte bedraagt minimaal 85% van de voorgeschreven daglichtfactor;
  • de samen te voegen verblijfsruimten hebben alle een daglichteis;
  • de scheidingswand tussen de aangrenzende verblijfsruimte(n) waarmee debetreffende verblijfsruimte wordt samengevoegd is niet-dragend;
de daglichtfactor van de samengevoegde verblijfsruimte is minimaal gelijk aan de daglichtfactor van de afzonderlijke verblijfsruimte met de hoogste eis welke is betrokken bij de samenvoeging.
 

 

footer

  Home  
  Wat is een zonnewoning?  
  Stappenplan  
  Motivatie  
  Meer info  
  Nieuws  
  Disclaimer  
  Wat is een zonnewoning?  
  Programma van Eisen (PvE)  
  Wat vinden bewoners?  
  Voorbeeldprojecten  
  Voorwoord  
  Hoofdeis 5.1  
  Hoofdeis 5.2  
  Hoofdeis 5.3  
  Hoofdeis 5.4  
  Hoofdeis 5.5  
  Hoofdeis 5.6  
  Hoofdeis 5.7  
  In 4 stappen naar de Zonnewoning  
  Procedures  
  Formele Aanvraag  
  Inspectieprocedure 1  
  Inspectieprocedure 2  
  Certificaat etc.  
  Waarom een Zonnewoning?  
  Stel een vraag  
  Betrokkenen  
  Literatuurlijst  
  Downloads