topbanner1topbanner2topbanner3

5.1 - Eis 1

De woning heeft een betere energieprestatie dan wettelijk voorgeschreven.

» Toetsingsmethode 5.1.1

Met de invoering van de Energie Prestatie Norm (EPN) in 1995 beoogt de Rijksoverheid door het stellen van eisen aan de energetische kwaliteit van nieuwbouwwoningen een substantiële besparing van het energieverbruik te realiseren.


In de EPN staat de berekeningsmethodiek beschreven op basis waarvan de Energie Prestatie Coëfficiënt (EPC) voor nieuwbouwwoningen bepaald wordt.

Deze EPC is in 1995 gesteld op 1,4 en respectievelijk in 1998 en 2000 aangescherpt tot 1,2 en 1,0. In het kader van het Inspectiecertificaat Zonnewoning nieuwbouw wordt gestreefd naar een hogere energiebesparing.

Hiertoe is de EPC verder aangescherpt en worden tevens eisen gesteld aan de isolatiewaarde en de kierdichting van de woning.

a.  De Zonnewoning kent een EP-coëfficiënt van minimaal 15% lager dan gesteld in het vigerende Bouwbesluit.
b.  De RC-waarde van de beganegrondvloer en het dak is minimaal 5,0 m2K/W.
c.  De RC-waarde van de gevel is minimaal 4,0 m2K/W.
d.  De U-waarde van dichte buitendeuren is maximaal 1,2 W/m2K.
e.  De U-waarde van het glas in kozijnen en deuren bedraagt maximaal 1,2 W/m2K (HR++ glas).
f.   De woning heeft een goede kierdichting: qV,10 = 1,0 dm3/s.m2.

Compensatie:
De maximaal toegestane energieprestatie blijft gehandhaafd. Een groter warmteverlies door transmissie (lagere isolatiewaarde) in een bepaald bouwdeel kan worden gecompenseerd door een kleiner warmteverlies in een ander bouwdeel. De compensatie is voornamelijk bedoeld om kleinere bouwdelen zoals dakkapellen, erkers of andere uitbouwen mogelijk te maken met toepassing van het isolatiemateriaal dat al in hoofdzaak wordt toegepast.
De eisen aan deze compensatie zijn als volgt:

  • het brutowarmteverlies (Qbeh;verw;bruto) met de toe te passen isolatiewaarden moet minimaal 5% minder zijn dan het brutowarmteverlies met de volgens de door BRL 5015 voorgeschreven minimale isolatiewaarden;
  • het oppervlak met een lagere isolatiewaarde dan voorgeschreven mag niet meer dan 15 m2 bedragen;
  • de laagste isolatiewaarde bedraagt minimaal 50% van de grootste isolatiewaarde, uitgezonderd de isolatiewaarde voor beglazing;

 

 

footer